Overweging 21 november 2010 door Peter Nissen
Jaar C, Christus koning van het heelal (laatste zondag kerkelijk jaar), (2 Sam. 5,1-3; Luc. 23,35-43)
Christus, Koning van het Heelal. Ik moest, lieve mensen, toch even slikken toen ik het zo pontificaal op het liturgisch rooster zag staan. Rabbi Jesjoea van Nazareth als Koning van het Heelal. Het is een jong feest, pas in 1925 door paus Pius XI ingevoerd, eerst gevierd op de zondag voor Allerheiligen en pas sinds 1970 op de laatste zondag van het kerkelijk jaar. Het feest is door Pius XI vooral ingevoerd als een signaal voor de goddeloze wereld, die vergeten leek te zijn dat Christus overal moet heersen: niet alleen in de kerk, maar ook in de gezinnen, de scholen, op het werk, in de politiek en in de economie. Maar het was ook een protest tegen politieke systemen die hun leider gingen verheerlijken, zoals het fascisme in Italië, waar Mussolini in 1922 aan de macht was gekomen. Die totalitaire systemen moesten eraan herinnerd worden dat er altijd nog iemand boven de leider staat, boven de vorst, boven de dictator, boven de koning, boven de Führer, namelijk Christus, de koning van het heelal.