Overweging 31 juli 2011
Overweging zondag 31 juli 2011 door Koen Boey
De behoefte aan licht is diep in ons bestaan aanwezig. Het licht is één van de meest verspreide metaforen voor het inzicht dat wij in ons leven zoeken. Toen de profeet JESAYA de dienaar van Jahweh aankondigde, noemde hij Hem het licht voor de naties. In Jezus van Nazareth heeft de dienaar van Jahweh onder ons geleefd. De drie synoptische evangeliën verhalen dat hij blinden heeft genezen en dat aan hen ogen van geloof werden geschonken. Hun blik werd verlicht en zij beleden dat Jezus van God was uitgegaan Alle evangelisten vertellen over de genezing van de blinde bij de poort van Jericho. Wanneer het Johannes'evangelie, een paar tientallen jaren later, de genezing van de blindgeborene herneemt, is de gebeurtenis vermengd met de reflectie van de geloofsgemeenschap.
Het is een prachtig opgebouwd verhaal waarin het contrast wordt uitgewerkt tussen de genezene die dankbaar Jezus als profeet erkent en de schriftgeleerden die ziende-blind blijven. Maar in dit verhaal bestrijdt Jezus niet alleen de duisternis in de blindgeborene maar ook de duisternis waarin de omstaanders gevangen zitten. Zij gaan uit van een duister vooroordeel dat het fysische kwaad, de ziekte en ook het verdere natuurgeweld, het gevolg zou zijn van zonde, van het morele kwaad. Dit duistere vooroordeel heeft diepe wortels en de man Job kwam er al tegen in het verzet. Met zijn uitspraak dat in de blindgeborene de werken van God moeten geopenbaard worden, heeft Jezus vele generaties van zijn volgelingen tot nadenken aangezet. Om te beginnen bant Jezus het duistere vooroordeel uit dat we het lijden van hen die getroffen worden door fysisch onheil nog mogen verdubbelen door dit onheil te zien als een straf voor het kwaad dat zij zouden begaan hebben. Dit deden de vrienden van Job in de overtuiging dat zij door dit verband Jahweh als rechtvaardige verdedigden ... Zo meenden zij een antwoord te hebben gevonden op de vraag hoe God het lijden kon toelaten ..
Ook tegen dit religieus bedoeld vooroordeel dat men nooit onschuldig zou lijden, verzet Jezus zich. Hiermee lag Jezus achttien eeuwen voor op het heersende denken in onze Westerse beschaving. Pas in de tijd van de Verlichting zal het onderscheid tussen het fysische en het morele kwaad in alle duidelijkheid worden gemaakt.
Maar waarom werd de man dan blind geboren? Op deze vraag bestaat geen ander antwoord dan de vaststelling dat alles wat we de natuur noemen, dat al het geschapene, zoals wij het benoemen, nu eenmaal zijn onvolkomenheden kent. Het behoort tot de werken van God die geopenbaard worden in de genezing van de blindgeborene, dat Jezus deze nog onvolkomene en althans voor ons mensen nog even vijandige als vriendelijke schepping, komt genezen en verlossen van haar onvolkomendheid. Wij leven hier niet in een paradijs, mensen lijden pijn overal ter wereld. Denken we maar aan de hongersnood in de hoorn van Afrika, dit schitterend continent waar de natuur zo vaak op haar mooist is en waar van de duurste reizen wordt genoten door welgestelde blanken.
Welk licht gaat van Jezusoptreden uit dat ook onze levensweg kan verlichten bij de confrontaties die we doormaken met het fysische kwaad en het daarmee gepaard gaande menselijk lijden?
Nog enkele tientallen jaren na het tot stand komen van het Evangelie volgens Johannes leefde in Lyon een bisschop, hij heette Ireneus en hij liet ons zijn inzichten na omtrent datgene wat wij kunnen leren uit Jezus waar I-lij Gods werken openbaar maakt naar aanleiding van de genezing van de blindgeborene. De werken bestaan er in dat Hij ons voorgaat in het bestrijden van het fysische kwaad. Gedurende zijn hele
leven kent Hij op dit punt geen berusting. Wat Hij als wonderdoener vermag, is iets waartoe wij niet in staat zijn. Maar dit betekent niet dat wij over geen middelen beschikken om het kwaad te bestrijden. Ireneus is getroffen door de verzen waar Jezus nadat Hij zei "ik ben het licht van de wereld" op de grond spuwt en met het speeksel slijk maakt en de opgen van de man er mee bestrijkt. Hij zei tot de man: ga u wassen. Daarin leest Ireneus een lichtende boodschap voor ons. De aardse middelen, speeksel, slijk en water, moeten we gebruiken bij onze strijd tegen het fysische kwaad. De natuur mag dan onaf zijn en oorzaak van lijden zijn, maar zij bevat ook mogelijkheden die wij kunnen aanwenden om in het spoor van Jezus de levensvoorwaarden voor de mensen te verbeteren. Ireneus ziet in Jezus'optreden een oproep tot ons om op een realistische wijze het lijden zo veel mogelijk te helen.
Ondanks het harde feit dat ons bestaan geen paradij s is, laat Jezus als het lichtende icoon van God ons zien dat God zijn eer er in stelt dat wij gelukkig wezen en in zijn spoor mogen wij er ons voor inzetten.
Koen Boey
| < Vorige | Volgende > |
|---|


